Mijn IJslandreis zit erop. Jammer. Ik heb veel leuke en bijzondere dingen gezien. En gedaan. Weleens rotte haai geproefd? Ik wel. En ik vond het nog lekker ook. Eigenlijk was die haai niet echt rot. Hij was gerijpt. Ze hadden hem heel lang bewaard. Haai kun je alleen eten als je er een tijdje niet naar omgekeken hebt – een maand of zes. Na het haai eten kun je beter niet meteen gaan zoenen. Maar verder is er niets aan de hand.

Heel erg leuk was een schoolreisje met de Waldorfskóllan. Een klein schooltje dat helemaal buiten de stad ligt, tussen de heuvels. Er zitten maar een stuk of veertig kinderen op en die boffen. Ze hebben speelruimte zat.
We gingen naar Reykjadalur. Eerst een stuk met de bus en daarna moesten we lopen. Over een lavaveld en naar beneden langs paadjes die ík eng vond maar de kinderen niet. Beneden gingen we in een warme beek liggen dobberen. Ik als allerlaatste omdat ik niet zo snel kon lopen. Toen ik in het warme water lag en de bergen om me heen zag wist ik het zeker: bofkonten zijn het, die kinderen van de Waldorfskóllan. Maar ik bofte zelf ook een beetje omdat ik mee mocht met het schoolreisje.



