De Franse vertaling van Oversteken is verschenen.
La Traversée – Parijs: Seuil, 2009. Vertaald door Emmanuèle Sandron
De Franse vertaling van Oversteken is verschenen.
La Traversée – Parijs: Seuil, 2009. Vertaald door Emmanuèle Sandron

Ik ben twee weken op IJsland geweest. De rest van de zomer blijf ik thuis om te werken. Er is niet veel nieuws te melden. Op IJsland dacht ik soms aan Oversteken. Ik keek of er in de hut een paar rode wandelschoenen stonden.
En ik kocht een ansichtkaart in de buswinkel van Landmannalaugar.

De kinderen van de Waldorfskóllan op IJsland (zie het vorige bericht) zongen speciaal voor mij Á Sprengisandi ( je zegt Au Sprenkjesanti). Dat is het liedje dat Bjarni in Oversteken zingt. Halverwege werd er nog bij geklapt en gestampt om het extra mooi te maken. Omdat ik het opnam met een simpel recordertje is de tekst hier en daar een beetje moeilijk te verstaan, maar als je wilt weten hoe het klinkt:
Dankjewel Waldorfskóllan!
Mijn IJslandreis zit erop. Jammer. Ik heb veel leuke en bijzondere dingen gezien. En gedaan. Weleens rotte haai geproefd? Ik wel. En ik vond het nog lekker ook. Eigenlijk was die haai niet echt rot. Hij was gerijpt. Ze hadden hem heel lang bewaard. Haai kun je alleen eten als je er een tijdje niet naar omgekeken hebt – een maand of zes. Na het haai eten kun je beter niet meteen gaan zoenen. Maar verder is er niets aan de hand.

Heel erg leuk was een schoolreisje met de Waldorfskóllan. Een klein schooltje dat helemaal buiten de stad ligt, tussen de heuvels. Er zitten maar een stuk of veertig kinderen op en die boffen. Ze hebben speelruimte zat.
We gingen naar Reykjadalur. Eerst een stuk met de bus en daarna moesten we lopen. Over een lavaveld en naar beneden langs paadjes die ík eng vond maar de kinderen niet. Beneden gingen we in een warme beek liggen dobberen. Ik als allerlaatste omdat ik niet zo snel kon lopen. Toen ik in het warme water lag en de bergen om me heen zag wist ik het zeker: bofkonten zijn het, die kinderen van de Waldorfskóllan. Maar ik bofte zelf ook een beetje omdat ik mee mocht met het schoolreisje.

Zaterdag 26 mei wordt voor de vierde keer een kinderboekenmarkt georganiseerd op de Zaanse Schans. Hier vind je het programma. Zelf zal ik er dit jaar niet zijn. Ik vertrek binnenkort naar IJsland. Ik neem Oversteken mee. Er zijn een paar mensen die een exemplaar van mij cadeau krijgen. Ook zal ik in Reykjavík een aantal IJslandse collega’s gaan ontmoeten. Daar kijk ik naar uit.
Trollenbrood. Tröllabrauđ in het IJslands – je spreekt het (ongeveer) uit als treudlabreud.

In Oversteken schrijf ik over trollenbrood.
Het zijn stenen die kapot zijn gevroren in keurige plakjes. Het zijn net boterhammen, maar dan voor heel sterke tanden. Trollentanden.

Erika Veld was zo aardig deze trollenbroodjes voor me te maken. Erika is vaak op IJsland geweest. Ze houdt van reizen. (Ze is net terug uit Uruguay.) Haar reizen legt ze vast in tekeningen en schilderijen en ze verzamelt van alles. Zelfs woorden, want ze schrijft ook. Je kunt op haar website kijken.


Er kwam heel wat kijken bij het schrijven van Oversteken.
De gele truck van Guðmundur reed me door het IJslandse landschap. Rolf, Annet en Ellen vulden mijn herinneringen aan met hun eigen ervaringen.
Marian, Kolbeinn en Erna zorgden voor onderdak in Reykjavík en Selfoss en waren een onmisbare bron van informatie.
Erika deelde mijn IJslandgekte en was net iets eerder klaar met háár boek.
Tenslotte redde Sigurður Eggert me op het laatste moment. Hij gaf me IJslandse uitspraakles in de restauratie van het Centraal Station van Amsterdam.
Al deze mensen bedank ik voor hun betrokkenheid en enthousiasme.

Een nieuw boek. Voor lezers vanaf 11 jaar.
De moeder van Meta heeft voor de zoveelste keer een vriendje. Dit keer is het de IJslander Bjarni. Meta is niet van plan hem aardig te gaan vinden.
Tijdens een vakantietocht door het binnenland van IJsland gedraagt ze zich dan ook stug. IJsland is ruig en leeg en er is niet zo veel te doen.
Maar heel langzaam begint Meta Bjarni toch aardig te vinden. Hij vertelt oude, doodenge verhalen en het is fijn om in zijn buurt te zijn.
IJsland wordt steeds mooier.
Als de moeder van Meta ruzie met Bjarni krijgt weet Meta niet wat ze moet doen. Ze wil Bjarni niet kwijt. Maar hoe moet ze dan met haar moeder omgaan?
Het lijkt alsof de wereld steeds verder in de knoop raakt.
Dan merkt Meta dat IJsland ook gevaarlijk kan zijn.